![]() |
![]() |
![]() |
Yehuda (Duki) Gelber werd op 4 mei 1933 geboren te Ede in Nederland. Twee jaar later werd zijn broertje geboren. Zijn vader werkte als ingenieur bij de Algemene Kunstzijde Unie. Vader Gelber nam tijdens de Duitse inval in mei 1940 de beslissing om uitgerekend in Rotterdam de vijandelijkheden verder af te wachten. Ede, zo redeneerde hij, was een garnizoensdorp en daar zou zeker gevochten worden. Rotterdam daarentegen lag beschermd achter de waterlinie. De familie Gelber maakte tijdens het bombardement op Rotterdam bange uren door, maar keerde na de capitulatie ongedeerd naar Ede terug. Vader Gelber kon voorlopig zijn werk als bedrijfsleider van de melkwolfabriek van de AKU voortzetten, maar toen rond juni 1943 de levering van grondstoffen voor de fabriek stagneerde, werd het gezin alsnog afgevoerd naar Westerbork. Een half jaar later vertrokken de Gelbers met het eerste transport naar Bergen Belsen. Later maakten ook zij deel uit van het 'Verloren Transport'*. Hagit (Pietje) Gelber werd op 12 juni 1967, de laatste dag van de Zesdaagse Oorlog, geboren te Ramat HaSharon. Ze is de derde dochter van Yehuda Gelber. Een zeven jaar jongere broer sluit de gelederen van het zeskoppige gezin. Na haar middelbare school vervulde ze haar diensttijd bij Galé Zahal, de legerradio, waar ze als producer werkte. Na het leger volgden activiteiten waarin ze op zoek was naar haar plaats in de Israëlische maatschappij. Eerst vertrok ze voor negen maanden naar Europa en New York. Terug in Tel Aviv werkte ze een tijdje in verschillende restaurants en bars, waarna ze de stap waagde met een vriend een eigen restaurantje, Hagit's Corner, te openen. Het restaurant liep naar verwachting, maar moest vanwege problemen met vergunningen na een jaar de deuren weer sluiten. In oktober 1991 verhuisde Hagit naar Florentine, het ‘Soho' van Tel Aviv. Haar volgende stap bracht haar naar de toneelschool van Yoram Levinstein. Maar ook hier hield ze het na een jaar voor gezien. In 1995 vertrok ze opnieuw naar het buitenland en voer drie maanden langs de kust van Zuid-Amerika en door het Caribische gebied. Na terugkomst ging ze weer de horeca in om in haar onderhoud te voorzien. In augustus 1996 vertrok ze naar India, maar moest na drie maanden haar reis afbreken vanwege een ernstige ziekte. Na een volledig herstel pakte ze de draad in Tel Aviv weer op en werkte in de weekenden in een 'trendy' nachtclub en gedurende de week in een restaurantje bij haar om de hoek. Voor haar deelname aan het project ‘Kinderen van de Hoop’ begon Hagit in haar vrije tijd te fotograferen. In februari 1997 stapte ik haar leven binnen, en gedurende een week werkten wij aan het hoofdstuk over haar. Dit had een onverwacht vervolg: in augustus 1997 kwam Hagit naar Amsterdam om het hoofdstuk over mij te fotograferen. Momenteel woont ze in Amsterdam en werkt met mij samen als persoonlijk assistente. [Uit: ‘Kinderen van de Hoop’, 1998]. Update 2013: Yehuda (z”l) 4/5/1933 - 16/4/2010. Yehuda overleed drie jaar geleden. Hij is opa van twaalf kleinkinderen. Hagit is een succesvolle fotograaf geworden en keerde in 2006, met haar Nederlandse man en dochter van anderhalf jaar, terug naar Israël. Daar werd nog een zoon geboren en het gezin woont nu in het kunstenaarsdorpje Ein Hod. (Zie ook de documentaire ‘open Oog – open Ik’).
* Het Verloren Transport’ (Lost Transport): in de chaos vlak voor de bevrijding van * Hachshara; kleine ‘kibboetsen’, opgezet in Europa door de jeugdbeweging uit * Aliya: ‘opgaan’ (terugkeren, emigreren) naar het Beloofde Land Palestina/Israël |
BACK TO OVERVIEW |